Budgetimpact van faricimab bij neovasculaire leeftijdsgebonden maculadegeneratie in Nederland:
Een systematische review en meta-analysevan het aantal injecties
- Data: 19 real-world studies met in totaal n = 2.231 patiënten
- Focus: Switch van anti-VEGF naar faricimab.
- Context: Nederlandse zorgkosten & capaciteit.
De meta-analyse toont aan dat patiënten met neovasculaire leeftijdsgebonden maculadegeneratie na een switch naar faricimab significant minder vaak behandeld hoeven te worden. Er waren gemiddeld 2,65 minder injecties nodig in het eerste jaar na de switch (van 9,70 naar 7,05). De klinische data zijn vertaald naar een Nederlands budget impact model. De conclusie is helder: hoewel het vervangen van bevacizumab door faricimab in de eerstelijn niet kostenbesparend is, levert switchen in latere lijnen grote winst op.
- Eerste lijn: Vervanging van bevacizumab is niet kostenbesparend (kostenstijging door medicijnprijs).
- Tweede en derde lijn: Vervanging van o.a. aflibercept 2 mg en ranibizumab levert grote besparingen op door de combinatie van minder injecties en lagere totale kosten.
- Besparing 2e lijn: €62 tot €75 miljoen per jaar
- Besparing 3e lijn: Ongeveer €16 miljoen per jaar
Strategische inzet van faricimab in de 2e en 3e lijn is de sleutel tot capaciteitswinst. De totale capaciteitswinst op landelijk niveau, berekend in de base-case van het budget impact model, komt neer op ongeveer 96.000 minder injecties per jaar, wat directe verlichting biedt voor de wachtlijsten in de oogzorg.